Close the Gap in weekendbijlage De Tijd

Posted on 01/10/2011

Wat moet Afrika met onze computers?

BRON: De Tijd – 1 oktober 2011

Belgische bedrijven sturen tweedehandscomputers als ontwikkelingssteun naar Afrika

Is het mogelijk om armoede in Afrika te bestrijden door tweedehandscomputers naar sloppenwijken te zenden? De Belgische initiatiefnemers van Close the Gap geloven van wel. De Tijd reisde mee naar Nairobi, het economische hart van de Hoorn van Afrika, om het uit te zoeken. Kan dat initiatief echt de wereld verbeteren, of belanden die pc’s uiteindelijk op de vuilnisbelt?

Veel computers belanden uiteindelijk op de zwarte markt of worden illegaal gerecycleerd.

In de sloppenwijk Mukura Kwa Njenga in Nairobi wonen 100.000 Afrikanen in gammele houten huizen met tinnen daken. De meeste huizen hebben geen elektriciteit. Wegen zijn een zeeziekmakend hobbelparcours. ‘Ik moet goed uitkijken waar ik rijd’, glimlacht onze Afrikaanse gids achter haar stuur. ‘Als we per ongeluk een kind raken, villen ze ons levend. Mob justice.’

Begin deze maand kostte de ontploffing van een oliepijplijn niet ver hier vandaan meer dan 100 mensen het leven. De armen scharrelen hun kost bij elkaar door een eigen handeltje op te zetten. Voedingswaren, volle drankflessen, gsm’s en huishoudtoestellen liggen overal op de grond uitgestald. Er staat zelfs een klein hotelletje. Wie wil hier in godsnaam overnachten? En wie in de sloppenwijk kan zich zulke elektronische spullen veroorloven? De inwoners zijn straatarm, en toeristen komen hier niet. Levensgevaarlijk.

Middenin de sloppenwijk, beschut achter een veiligheidshek, ligt de school Our Lady of Nazareth. Meer dan 1.600 kinderen hopen op de schoolbanken een ticket te scoren dat hen uit de armoede haalt. Het contrast met de smerige en geurende sloppenwijk is groot. De speelplaats oogt proper en verzorgd, en de klasjes zijn luxeparadijzen vergeleken met de krotten waarin de leerlingen na de schooluren hun dagen moeten slijten.

De school huisvest ook een computerlokaal. De 50 toestellen in die klas komen uit België. Het zijn tweedehandscomputers die de Belgische ngo Close the Gap – een initiatief van de jonge handelsingeneur Olivier Vanden Eynde – heeft opgehaald uit het Belgische bedrijfsleven. Vanden Eynde gelooft dat moderne ontwikkelingssamenwerking niet zonder de ondernemerswereld kan. Zeven jaar al haalt Close the Gap gebruikte computers op bij Belgische bedrijven. Een Nederlandse partner onderwerpt ze aan een grondige check-up, waarna de computers worden ingezet in scholen, universiteiten en ziekenhuizen in ontwikkelingslanden. Close the Gap heeft zo al meer dan 160.000 computers hergebruikt in arme landen, vooral in Afrika. Met 6.000 weggeschonken computers mag grootbank KBC zich een van de grootste donoren noemen.

Kloof

‘Ons doel is de digitale kloof tussen de ontwikkelde wereld en Afrika te verkleinen. ICT is dé hefboom voor elke samenleving – of die nu rijk of arm is. Computers geven kennis door. Kennis maakt mensen zelfredzaam. Hoe meer kennis de Afrikanen kunnen vergaren, hoe meer ze plantrekkers zullen worden en hoe minder Afrika afhankelijk van ontwikkelingshulp zal worden,’ zegt Vanden Eynde.

In de computerklas staren Ian en Daniel (allebei 13) een beetje verweesd naar hun flatscreen. Beiden wonen in de sloppenwijk. De ogen van Ian lichten op als hij het woord Microsoft uitspreekt. Hij vertelt hoe hij in de klas met Excel en Powerpoint leert werken. ‘Ik wil graag bankdirecteur worden’, zegt hij. Klasgenoot Daniel droomt van een job in de media. ‘Journalist!’, roept hij. Maar dan moet Daniel wel eerst op het internet kunnen. Dat is hem in zijn hele leven maar één keer gelukt, in een cybercafé in de stad.

De computers op school hebben geen internetaansluiting. Te duur. Nochtans biedt internet een venster op de wereld. In het geval van de Afrikaanse kinderen, laat het hen toe om over de grenzen te kijken en hun situatie met anderen te vergelijken. Vanden Eynde: ‘Ik geef toe dat het een pijnpunt is, maar in 80 procent van onze projecten hebben onze computers wél toegang tot het internet. We geloven dat computers ook zonder internet een eerste graad van ongeletterdheid wegnemen bij kinderen. Dat is een belangrijke eerste stap. Computergeletterden blijken trouwens dé jobcreators van het Afrikaanse continent. Anders gezegd: computers léren Afrikanen ondernemen en op hun eigen benen staan.’

Recyclagecentrum

Op de speelplaats versleept een groepje leerlingen oude beeldschermen en toetsenborden van de computerklas naar een pick-uptruck. De apparaten verhuizen naar een nieuw recyclagecentrum voor elektronisch afval een paar kilometer verderop, het eerste recyclagecentrum van Oost-Afrika. De opening van het Belgische centrum is groot nieuws in Kenia – ook al omdat Neelie Kroes, eurocommissaris voor Digitale Agenda, de inhuldiging bijwoont.

Er staat dan ook bijzonder veel op het spel. De Afrikanen zijn op zich al grote vervuilers, maar vanuit de Europese Unie wordt jaarlijks nog eens een miljoen ton elektronisch afval in Afrika gedumpt. Vaak zijn dat computeronderdelen. De computers belanden op de zwarte markt. De onderdelen worden in brand gestoken om edelmetalen en andere waardevolle elementen te recupereren. Malafide handelaars brengen de stukken opnieuw op de markt. Bij zulke ontmantelingen komen toxische stoffen en gevaarlijke gassen vrij. Het systeem leidt tot een enorme milieuoverlast voor de Afrikanen.

De lokale overheden kijken de andere kant op. Vandaar dat Close the Gap zijn eigen recyclagecentrum voor e-waste heeft geopend in de Keniaanse hoofdstad Nairobi. Partner en medefinancier is Recupel, het bedrijf dat in ons land verantwoordelijk is voor de inzameling en verwerking van afgedankte elektronische toestellen.

Moederborden

In het e-wastecentrum halen lokale arbeiders met behulp van speciaal ontworpen machines de computeronderdelen op milieuvriendelijke wijze uit elkaar. Alle materialen worden in Kenia herbruikt, behalve de moederborden. Als de douane meewerkt, verhuizen die per containerschip naar de recyclagefabriek van Umicore in Hoboken.

Neelie Kroes, de helm op het hoofd, kijkt geboeid naar de openingsceremonie en steekt zelfs een handje toe. ‘Een totaalproject’, noemt de eurocommissaris het Belgische initiatief. ‘Niet alleen probeert Close the Gap op originele wijze de digitale kloof te verkleinen, ze houden ook rekening met het milieu. Zo is de cirkel rond. Hopelijk kunnen de Belgen andere bedrijven in Europa enthousiasmeren om hetzelfde te doen.’

Lukt dat niet, dan dreigt het project een slag in het water te worden. De capaciteit van de machines in het afvalverwerkingscentrum is veel te klein om te voldoen aan de gigantische vraag naar de verwerking van elektronisch afval in het zwaar vervuilde Kenia. Close the Gap is een kleine organisatie met beperkte middelen – anderen moéten dus volgen. In dat licht moet de alliantie met Recupel worden gezien. Als voorzitter van 33 collectieve afvalbeheerders in Europa probeert CEO Peter Sabbe zoveel mogelijk collega’s mee in het bad te trekken, zo belooft hij.

Het centrum zal straks ook moeten aantonen dat het zelfbedruipend is. Voorlopig gebeurt de financiering van de afvalverwerking nog door een handvol computerdonateurs uit de klantenportefeuille van Close the Gap, onder wie de Nederlandse luchtvaartmaatschappij KLM, een logistieke partner van de ngo. In de ruil voor hun vrijwillige financiële bijdrage krijgen de bedrijven e-wastecertificaten van Close the Gap. Met één zulk attest kan in Nairobi één afgedankte computer worden gerecycleerd. Momenteel zijn 5.000 certificaten uitgedeeld.

Lokale autoriteiten

De Keniaanse regering staat erbij en kijkt ernaar. Letterlijk, want milieuminister Ali Condole loopt rond op de inhuldiging van het recyclagecentrum. Veel zegt de man niet. Olivier Vanden Eynde, daarentegen, is een vat vol enthousiasme en vertrouwen. ‘Ten laatste over vijf jaar staat het centrum op zijn eigen poten en dragen we het over aan de lokale autoriteiten’, vertelt hij ons. Benieuwd of de minister het ook zo heeft begrepen.

Back